Ascoli Piceno, stad van de Quintana en zoveel meer…

Ascoli Piceno
Ascoli Piceno vanop de Ponte Maggiore
De wijken van Ascoli Piceno

Trots en stoer tekenen de torens van Ascoli Piceno zich af tegen de azuurblauwe hemel. Wie de stad vanuit de uitlopers van de Apennijnen nadert, ziet hoe hij omarmd wordt door de Tronto en de Castellano. Op de dagen van de Quintana is de stad een zee van kleur. De Ascolani van elke wijk of sestieri (Ascoli telt er zes) nemen het dan tegen elkaar op.

De dagen van de Quintana zijn hoogdagen, maar de stad heeft nog veel meer te bieden. Ascoli is een culturele parel in de Marken. Hoog tijd om deze stad wat beter te leren kennen.

Asculum

De Piceni waren de eerste bewoners van deze streek. Zij stichtten een nederzetting op dit eilandje tussen Tronto en Castellano die door de Romeinen Asculum werd genoemd. De landstreek Picenum werd door de Romeinen ingelijfd in hun steeds groter wordende rijk.

Teatro Romano

Al snel zochten de Romeinen een manier om de stad cultureel aan Rome te binden en dat vonden ze in de figuur van de Sabijnen. Volgens Romeinse geschiedschrijvers werden zij hierheen geleid door een specht (picchio), de heilige vogel van de god Mars. Ze vermengden zich met de plaatselijke bevolking en vormden zo het Piceense volk. Volgens sommigen vormt de specht de link naar ‘Piceno’ in de naam.

Asculum werd een belangrijk centrum door de Via Salaria, de zoutweg. Het zout van de zoutpannen aan de Adriatische kust ging richting Rome langs deze weg en dus langs Asculum. De stad werd steeds rijker en machtiger en werd een bondgenoot van Rome in haar strijd tegen Etrusken, Galliërs en Samnieten.

In 91 voor Christus rebelleerde de stad echter tegen Rome tijdens het Bellum Sociorum om gelijke rechten voor alle volkeren af te dwingen. Maar Rome liet niet met zich sollen. De opstand werd neergeslagen, de leiders van Asculum werden onthoofd en veel inwoners verbannen. Voortaan bleven de stad en de streek trouw aan Rome. In 49v.Ch. maakte Caesar Asculum tot hoofdstad van de streek en werd ‘Picenum’ aan de naam toegevoegd.

Uit deze Romeinse bloeitijd resten nu nog de brug over de Tronto, het Romeinse theater, de Porta Romana en de mozaïeken in het Museo Archeologico Statale.

Sant’Emidio

Piazza del Popolo met de Duomo

Wie rondwandelt in Ascoli, kan niet naast de figuur van Sant’Emidio. Er is het prachtige pittoreske Sant’Emidio alle grotte, de imposante Duomo, il tempietto Sant’Emidio Rosso. En belangrijk is Sant’Emidio wel voor de Ascolani.

Sant’Emidio werd geboren in Triers in 273. Hij bekeerde zich omstreeks 290 tot het christendom en daarmee kwam het tot een breuk met zijn familie waardoor hij besliste om met drie ‘christenvrienden’, Euplo, Germano en Valentino, naar het Italische schiereiland te trekken. Hij werd in Milaan tot priester gewijd. Om aan de vervolgingen van Diocletianus te ontkomen, trok hij naar Rome. Daar werden verschillende miraculeuze genezingen aan hem toegeschreven, waardoor de mensen hem zagen als de verpersoonlijking van de antieke god Aesculapius. Zijn faam ontging de paus niet die hem aanstelde als bisschop van Ascoli. Een zware opdracht, want het gebied was nog erg heidens.

Polimio, de plaatselijke leider in het verzet tegen de kerk, verbood Sant’Emidio het prediken. Maar Sant’Emidio bleef hardnekkig het evangelie brengen. Ook hier in Ascoli ontfermde hij zich over de zieken en deed miraculeuze genezingen. Al snel maakte ook de heidense bevolking de link met Aesculapius. Ook Polimio dacht met een god te maken te hebben. Hij bood zijn dochter Polisia ten huwelijk aan, maar Sant’Emidio weigerde, hij bekeerde haar en doopte haar in de Tronto.

Dit ging Polimio te ver. Hij liet Sant’Emidio onthoofden. Op deze plaats staat nu het Tempietto. De heilige stond echter op, nam zijn hoofd in de armen en ging in de grotten sterven. Nu prijkt er een prachtig barokgeveltje voor dit heiligdom. Binnenin vind je graven in de rots uitgehakt. Volgens de legende groeide de grot vol met basilicum na het overlijden van Sant’Emidio. Daarom komen op zijn feestdag de mensen basilicum kopen op de trappen van de Duomo. En deze Duomo is zijn laatste rustplaats.

Ook met Polisia liep het niet goed af. Ze ging op de berg Ascensione op zoek naar de heilige en verdween in een rotsspleet.

De woelige middeleeuwen

Ponte e Porta di Solestà

De woelige middeleeuwen maakten de stad tot wat hij nu is. De strijd tussen Welfen en Ghibellijnen, de vele vetes tussen de belangrijkste families,… Het onveilige klimaat zorgde dat de Ascolani zich gingen terugtrekken in hun stevige woontorens. En net die torens bepalen nog heel sterk de uitstraling van de stad vandaag. Ooit telde Ascoli zo’n 200 torens. Vandaag resten er nog een vijftigtal.

Er zijn ook heel wat gotische gebouwen in de stad, opgetrokken in travertijn. Het bekendste is San Francesco. Wie bij het naar binnengaan van de kerk met zijn hand snel en hard over de kleine zuiltjes aan de toegangsdeur slaat, krijgt een geluid als van orgelpijpen. Er is hier ook de stemmige kloostergang die nu een trefpunt is voor jong en oud.

De Quintana

De Quintana vindt zijn oorsprong in de festiviteiten ter ere van de patroon van de stad, Sant’Emidio. De oudste vermelding van de Quintana dateert van 1377: la Giostra dell’anello. Hierbij moesten de ridders in een wedstrijd hun lans doorheen een zilveren ring krijgen die aan een touwtje was opgehangen. De prijs die de winnaar in ontvangst mocht nemen, was deze zilveren ring. Dit spektakel ging van oudsher door op Piazza Arringo.

De palio is zeker het hoogtepunt van de Quintana. Op de vooravond vertrekt vanuit elke wijk van de stad een feestelijke stoet richting Duomo. De cavalieri overhandigen daar aan de bisschop een grote altaarkaars. Dan wordt de volgorde bepaald waarmee de ruiters zullen mogen aantreden op de palio. In die volgorde gaat de volgende dag de stoet richting fort Malatesta.

De palio van Ascoli is een wedstrijd waarbij de ruiters met hun lans het schild van de moor moeten raken en punten krijgen naargelang ze de roos op het schild goed raken. Daarnaast spelen ook snelheid en parcours een grote rol. Enthousiast worden de ruiters aangemoedigd door hun supporters die met hun vaandels en gejuich het stadion in vuur en vlam zetten. Maar even later is het er bladstil en zit iedereen gespannen naar de uitslag van de ronde te luisteren en de punten te noteren in het boekje. De ontlading nadien is groot, supporters stormen van de tribunes, het feest barst los. Hier heeft de hele stad naartoe geleefd.

Na de palio wordt de volgorde aangepast als de stoet de stad terug binnentrekt. De winnaars gaan dan uiteraard voorop, het pas veroverde banier wordt met trots naar hun wijk gedragen waar het feesten nog de hele nacht zal doorgaan.

Maar de Quintana is niet alleen een feest van figuranten en moedige ruiters. In de week voor de palio schilderen de jongeren van de sestieri het wegdek van hun brug met wapenschild, eerdere overwinningen, namen van hun helden. En naast de palio zijn er ook wedstrijden tussen de bazuinblazers, de vendelzwaaiers, de boogschieters. En wie droomt er niet van om het winnende ontwerp voor het banier te tekenen?

Stad van il dolce far niente

Dolce far niente aan de Duomo….

Wie vandaag het kleine (Ascoli telt zo’n 50 000 inwoners), landelijke centrum bezoekt, staat versteld van de eenvoud en de rust die het uitstraalt. Plaatselijke landbouwers brengen hun groenten en fruit naar de binnenkoer van San Francesco. Aan kraampjes worden olive all’ascolana aangeboden en in het meest vermaarde café van de stad, Caffè Meletti, genieten mensen van Anisetta Meletti bij hun koffie. En dat telkens met een ander zicht op de travertijnstad. Naargelang de zon verder glijdt over de stad, kleurt de steen steeds anders, krijgt alles een andere sfeer.

Laat je echter niet alleen verleiden om in de straatjes en op de pleinen rond te kuieren. Stap zeker de Pinacoteca binnen dat een topcollectie kunst huisvest en op zich al een erg rijk interieur heeft. Mijn favoriet is zeker ‘il riposo del pastorello’. Ik sloop op mijn tenen naar hem toe om hem zeker niet wakker te maken en ben nadien nog verschillende keren gaan kijken of de witmarmeren pastorello zijn oogjes nog niet had opengedaan. Maar ook het museum voor Osvaldo Licino, Ascolano en goede vriend van Amedeo Modigliani, mogen we niet vergeten.

En hoeft het nog gezegd… voor een goed begrip van de Quintana begin je best in het kleine museum dat hiervoor is ingericht en waarbij een vrijwilliger je graag inwijdt in alle gebruiken en tradities die met dit evenement gepaard gaan. Hij zal je beslist ook uitleggen waarom zijn squadra dit jaar de Quintana wint.

De Quintana 2020 werd geannuleerd, maar die van 2021 zal doorgaan tussen 10 juli en 1 augustus. Het programma kan je hier vinden. Kom gerust kijken naar de Quintana. Ascoli verwacht je!

 

 

 

 

 

Taste-Italy.be maakt gebruik van cookies. Door onze website te bezoeken verklaar je je hiermee akkoord. Meer informatie

De cookie-instellingen op deze website zijn ingesteld op 'cookies toestaan" om de surfervaring te verbeteren. Als je doorgaat met deze website te gebruiken zonder het wijzigen van de cookie-instellingen of je klikt op "Accepteren" dan ga je akkoord met deze instellingen.

Sluiten