Castel del Monte (Andria)

Het Castel del Monte in de regio Puglia siert het allerkleinste muntstukje, dat van 1 eurocent. En dat is niet zo verwonderlijk, zeker niet als je de acht beeldzijden van de Italiaanse euromunten met elkaar vergelijkt.

Een goede eeuw geleden was dit monument nog een ruïne en werd het uiteindelijk door de staat gekocht voor de prijs van 25.000 lire. Dit bedrag omzetten in huidige euro’s is uiteraard grotesk. In de koopakte stond wel vermeld dat de overheid de taak op zich zou nemen om het geheel in zijn oorspronkelijke staat te herstellen. Het duurde echter nog vele tientallen jaren voordat aan die belofte werd voldaan, wat in Italië wel vaker voorvalt…

Hoewel prachtig heropgebouwd geraak je als bezoeker wellicht meer onder de indruk van de ligging dan van het bouwwerk zelf. Al van kilometers ver rijst het op uit het glooiende landschap. Geen enkel ander gebouw belemmert het uitzicht, alleen enkele bomenrijen onttrekken het soms aan het oog. Maar wat was de functie van een dergelijk monument in the middle of nowhere? Zeker niets militairs. Een kasteel verdedigt iets: een haven, een handelsplaats, een strategische weg, een stad, een vindplaats van belangrijke grondstoffen…Maar hier vinden we niets van dat alles terug.

Laten we even teruggaan in de tijd. Het kasteel werd omstreeks 1240 opgetrokken onder de regering van Frederik II van Hohenstaufen, of voor de Italianen, Federico II di Svevia (Zwaben). Onder zijn leiding werden er in Italië zo’n tweehonderd versterkingen gebouwd. Maar dit gebouw is uniek in zijn vorm: het is het enige slot dat achthoekig is. Het geheel ademt het getal acht uit: op elke hoek staat een achthoekige toren en beide verdiepingen tellen acht trapeziumvormige kamers. Ook het binnenplein vertoont dezelfde vorm, met in het midden een achthoekig waterreservoir. Misschien heeft de bouwheer zich voor de vorm laten inspireren door de Paltskerk in Aachen of de San Vitale in Ravenna. Vergeten we ook niet dat Frederik II net terug was van de zesde kruistocht, tijdens welke hij in Jeruzalem de Moskee van Omar heeft aanschouwd. Binnenin het Castel del Monte zijn er trouwens prachtige Arabische mozaïeken te bewonderen. Het cijfer 8 komt trouwens ook ontelbare keren voor bij de talloze bloemen- en plantenmotieven. Volgens sommigen refereert de achthoek ook naar de kroon van het Heilige Roomse Rijk.

Minder begrijpbaar wordt het wanneer men aan dit bewuste cijfer een hogere symbolische waarde wenst toe te kennen. De aarde wordt dan voorgesteld als een vierkant, de hemel als een cirkel. Waar beide geometrische figuren samen worden gebracht, bij voorbeeld bij het bouwen van een vierkante tempel met een koepeldak, bekomt men op de snijpunten ervan de perfecte achthoek. Dit wordt zelfs in verband gebracht met de vorm van de vroegmiddeleeuwse doopvonten: achthoekig van vorm met een koepelvormig deksel. Kortom: de aarde komt in contact met de hemel, of met andere woorden: de sterfelijke mens die door het doopsel wordt toevertrouwd aan de onsterfelijke god.

Tot dusver kan iedereen wellicht nog volgen, maar bij dit kasteel gaat men nog veel verder. Puglia lag voor de pelgrims zowat halverwege tussen het westen en de oosterse heilige plaatsen zoals Jeruzalem. Het was ook van hieruit (Bari en Brindisi) dat vaak de overzeese tocht werd aangevat. Deze bedevaarders genoten de bescherming van de Tempeliers. Nu lag die ridderorde bij de toenmalige machtsdragers niet in de bovenste lade omwille van hun onafhankelijkheid, rijkdom, macht… Ook niet bij Frederik II. Maar deze was wel zo verstandig hen niet al te veel in de weg te leggen precies omwille van hun economisch en financieel belang. Toch confisqueerde ook hij hun enorme bezit wat hij later bij testament terugschonk. Ondertussen had hij een groot deel van het kapitaal wel al gebruikt voor enkele oorlogen en talloze bouwwerken, onder andere het Castel del Monte.

Maar er is meer. De Tempeliers hadden volgens de overlevering ook enkele precieuze relikwieën in hun bezit zoals de doornenkroon van Jezus, het teiltje waarin hij tijdens het Laatste Avondmaal de voeten van zijn apostelen waste en, hoe kan het ook anders… de Heilige Graal! Het spreekt dan ook van zelf dat dergelijke kostbaarheden een even luxueuze omgeving vereisten. De believers zien in al het marmer en de talloze versieringen niet meer of minder het bewijs dat het bouwwerk moest dienen als een soort van tempel. Alleen zou Frederik II er nooit in slagen deze relieken in bezit te krijgen. Mochten ze al bestaan hebben.

Rond de financiering van het kasteel doet nog een andere legende de ronde. Ooit zou op de heuvel een oude tempel hebben gestaan, bekroond met een beeld met daarop de woorden: ‘Il mio capo è di bronzo ma a levar del sole a calendi die maggio sarà d’oro’ (*). Gedurende vele eeuwen bleef de betekenis van deze woorden in het duister tot een Sarazeen (de Wijzen komen blijkbaar altijd uit het oosten) de oplossing vond. Op de eerste mei, bij het opkomen van de zon, begon hij te graven precies op die plaats waar de schaduw van het hoofd op de grond viel. En jawel, een enorme schat van kostbaarheden en goud werd boven gehaald. Daarmee werd dan het kasteel gebouwd.

Nu terug naar de realiteit. Frederik II bezat een grote intellectuele bagage. Zo zou hij zes talen hebben gesproken (onder ander Hebreeuws en Arabisch) en zeer veel contacten hebben onderhouden met het Oosten. Ook liet hij zich graag omringen door intellectuelen uit zijn tijd. De Schotse filosoof, astronoom (sommigen gewagen zelfs van magiër en tovenaar) Michael Scot, die vaak bij hem aan het hof verbleef, kreeg zelfs de opdracht om de werken van Aristoteles te vertalen. Hij was het ook die voorspelde dat Frederik II zou sterven in een oord waarvan de naam afkomstig was van een bloem. En dat gebeurde ook. In 1250 blies Frederik II zijn laatste adem uit in het Castel Fiorentino, iets ten noorden van Lucera. Van dit kasteel schiet haast niets meer over. Een stèle verwijst nog naar de vroegere koning. Dante heeft voor diezelfde Scot een plaatsje voorzien in zijn Inferno.

Maar na dit alles blijven we met de vraag zitten: wat was nu eigenlijk de functie van dit schitterend bouwwerk?

(*) ‘Mijn hoofd is van brons, maar bij de opkomst van de zon begin mei verandert hij in goud’

Dit artikel verscheen in Buonissimo magazine nr 1 uit 2013.

Over Marc Vandenbon 1 Artikel
Voor Bruggeling Marc Vandenbon is Italië een ware passie. Hij bezocht het land talloze keren en bundelde zijn kennis in zijn boek “Innemend Italië”.
Contact: Website

Taste-Italy.be maakt gebruik van cookies. Door onze website te bezoeken verklaar je je hiermee akkoord. Meer informatie

De cookie-instellingen op deze website zijn ingesteld op 'cookies toestaan" om de surfervaring te verbeteren. Als je doorgaat met deze website te gebruiken zonder het wijzigen van de cookie-instellingen of je klikt op "Accepteren" dan ga je akkoord met deze instellingen.

Sluiten